Nieuws

De aansprakelijkheid van bestuurders : nakende deresponsabilisering?

Zoals u weet staat het vennootschapsrecht aan de vooravond van een belangrijke hervorming.

De talrijke voorgestelde wijzigingen, waaronder de herziening van de regels voor de aansprakelijkheid van de bestuurders, maken deel uit van een algemene modernisering van het vennootschapsrecht.

Als gevolg van de financiële crisis van 2008 werd de geloofwaardigheid van de bestuurders in de publieke opinie ernstig onder druk gezet en zijn de verwachtingen steeds toegenomen.  Tegelijk zijn ook wet- en regelgeving geëvolueerd en hebben het mandaat van bestuurder complexer gemaakt.

 

Deze tendens weerspiegelt zich ook in de praktijk, waar we vaststellen dat het mandaat niet langer systematisch aanvaard wordt, maar deel uitmaakt van een denkproces dat rekening houdt met de te respecteren normen.  Dit heeft ongetwijfeld bijgedragen aan de professionalisering van de functie als bestuurder.

Om deze groeiende aansprakelijkheid het hoofd te bieden, zien bedrijven zich gedwongen verzekeringen (D&O) aan te gaan voor hun bestuurders om ze voldoende bescherming te bieden.

Ondanks het feit dat het huidige systeem voorziet in onbeperkte aansprakelijkheid van bestuurders in termen van bedrag, blijft in de praktijk de uitvoering ervan erg complex en resulteert in zeer weinig veroordelingen.

Het evenwicht tussen uitgebreide regelgeving en de toepassing ervan is duidelijk nog niet gevonden, en de toekomstige hervorming van het vennootschapsrecht zou hierbij kunnen helpen.

 

Het is nog niet zo ver.

Bij het bestuderen van het voorontwerp van het nieuwe wetboek, lijkt het erop dat de wetgever besloten heeft een stap terug te zetten door de aansprakelijkheid van de bestuurders te beperken in bedrag, waarvan de grenzen zouden bepaald worden door de omzet en de balans van het bedrijf.

Bovendien zou dit plafond gelden ongeacht de aard van de aansprakelijkheid of de schuld, en ongeacht het aantal aanklagers die zich baseren op een of meerdere feiten, evenals de civiele procedures die gevoerd zouden worden voor strafrechtelijke feiten.

De wetgever besluit eveneens om de voorwaarden te verzachten waarmee een bestuurder zich kan ontslaan van hoofdelijke aansprakelijkheid.  De plicht de fout te rapporteren op de eerstvolgende algemene vergadering wordt vervangen door de verplichting het mandaat op te zeggen bij de andere bestuurders.

De nieuwe aansprakelijkheidsregels voorgesteld door de wetgever moedigt een deresponsabilisering aan van het mandaat als bestuurder omdat de invoering van dit plafond en het breed toepassingsgebied ervan een systematische verzekeringsdekking D&O door de bedrijven op vraag van de bestuurders veroorzaken.  Bijgevolg zullen de bestuurders er niet aan gehouden worden het deel van de schade hoger dan de dekking D&O, te vergoeden.

Deze nieuwigheid in de wetgeving is in ieder geval welgekomen voor verzekeringsmaatschappijen.

Met andere woorden, en zelfs indien de hervorming voorafgaand overeengekomen clausules zou verbieden, kan de bestuurder eenvoudigweg ontsnappen aan het herstel van de fout die hij begaan heeft in het kader van zijn mandaat.

Zoals de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven reeds aangaf in haar advies van 05 december 2017, zal de invoering van zulke plafonds leiden tot schade waarvan het bedrag hoger zal zijn dan het maximumbedrag van het toepasselijke plafond, een schade die bovendien niet zal kunnen gerecupereerd worden en dus volledig door het slachtoffer gedragen zal moeten worden.

De inwerkingtreding van dit wetsvoorstel zal de aansprakelijkheid van de bestuurders uithollen, aangezien de bestuurders reeds op voorhand het beperkte risico van hun verantwoordelijkheid zullen kennen en, in bepaalde gevallen, geheel of gedeeltelijk door de verzekering zullen gedekt worden.  Deze beperking van het risico zou de bestuurders kunnen verleiden tot het nemen van buitensporige risico’s in het kader van hun mandaat.  Het risico op verminderd professionalisme is alomtegenwoordig.

Het verminderde risico op aansprakelijkheid, net zoals de verantwoordelijkheid die erbij hoort, zullen geen goed doen aan de functie van bestuurder, integendeel.

Het is dan ook van essentieel belang te blijven zoeken naar het redelijke evenwicht tussen een doorgedreven verantwoordelijkheid en de mogelijkheid gedragsnormen te implementeren, zoals de wetgeving die reeds van kracht is.

Laten we dan ook hopen dat de regering bij de tweede lezing van het wetsvoorstel (die voorzien wordt in de loop van de maand maart) dit (al te) protectionistische kader wat bijstelt.

 

Meer informatie over dit onderwerp?  Neem gerust contact op met thibaut.claes@deminor.com.

Dit artikel verscheen ook als opiniestuk in de krant l’Echo.

Aanverwante diensten

Governance & Aandeelhoudersbelangen Dienst

Governance & Aandeelhoudersbelangen

Minderheidsparticipatie Dienst

Minderheidsparticipatie

Opvolging en overname van bedrijven Dienst

Opvolging en overname van bedrijven

Beursgenoteerde bedrijven Dienst

Beursgenoteerde bedrijven